woensdag 15 juni 2022

Als Christus mij aankijkt

Het is een jaarlijkse traditie dat alle verantwoordelijken voor pastorale eenheden twee dagen naar Drongen bij Gent gaan om er na te denken over de pastoraal van de Kerk in Brussel, al had covid daar al twee keer een stokje voor gestoken. Eergisteren was het opnieuw zover. Net geen vijftig personen waren samen gekomen om het ditmaal te hebben over dat fameuze synodale proces: hoe kunnen we met meer mensen luisteren naar de Geest in het bestuur van de kerk.
Het is een bont gezelschap. Ik heb de nationaliteiten niet geteld. Er zijn vele overtuigingen en er is alles behalve eensgezindheid, zelfs over centrale thema's van het geloofsleven. En kijk: dat blijkt allemaal niet zoveel uit te maken. De sfeer in de groep is zeer goed, zelfs bij een stevig meningsverschil kan er ook gelachen worden, getuige van het respect en de waardering voor de ander. Het is duidelijk dat hier iets is - of mag ik zeggen: 'Iemand' ? - die er voor iedereen gemeenschappelijk is, die het gezelschap samenbrengt en die ook de samenhang van de groep uitmaakt. Dit zijn momenten waarop je Christus haast voelbaar aanwezig weet.
Een soortgelijke ervaring doe ik op wanneer ik ergens in de straat iemand tegenkom van de parochie. Het kan zijn dat er geen gesprek volgt en dat het contact beperkt blijkt tot een knik of een korte blik van herkenning. Toch voelt dit anders en warmer, dan wanneer ik een willekeurige buurman tegenkom of een bekende uit een andere context. Het feit dat het iemand van de parochie is, geeft aan het contact wat extra gloed, een soort stralend kransje. Misschien is dat ook wel omdat het iemand is, die ik alleen ken dank zij Christus en het dus eigenlijk ook Christus zelf is, die mij in die ander even toelacht. Het stelt op zich weinig voor. En toch ben ik erdoor geroerd.

Tony, pastor.

© Kerknet